Image Image Image Image Image Image Image Image Image Image

Glasnost | September 18, 2019

Scroll to top

Top

Ronald Hünneman – 050+ Danst (7)

Ronald Hünneman – 050+ Danst (7)
AmandaBrouwers

Huisfilosoof Ronald Hünneman is alweer toe aan column nummer zeven! Deze keer ontpopt hij zich tot ware ontdekkingsreiziger en gaat op zoek naar een inheemse stam die zich ongeveer viermaal per maand verzameld in onze stad, elke keer met een duidelijk doel: om te dansen. Luistert u naar een antropologisch verslag of lees het hieronder terug:

 

 

 

050+ DANST

15 september 2014

Ronald Hünneman

Ooit dansten vijftigers, zoals ik, in de disco. Dat was in de jaren ’60, ’70 en ’80 van de vorige eeuw. Op vrijdag- en zaterdagavonden zochten we tot danspaleizen omgebouwde kroegen op. Sommigen kwamen alleen om te gluren, vooral de jongens met vastgegroeide heupen. De meesten kwamen om te dansen. Dat klinkt wellicht wat kaal, maar is het niet. Dansen was in die tijd, en ik neem aan dat het nog steeds zo is, een uiterst vernuftige vorm van communicatie. We dansten om anderen te ontmoeten zodat we iets met hen hadden te bespreken.

Iedereen die tien minuten van een natuurdocumentaire heeft gezien kent dit verschijnsel. Vogels doen het, vissen, verschillende insecten en ook zoogdieren. Dansen om tot de ander door te dringen. En wij deden het dus. Zoals ook de Afrikaanse nomaden, de Toearegs het doen. Bij de Toearegs kunnen mannen slechts een vrouw veroveren door voor haar te dansen te midden van tientallen concurrenten. Zolang Toearegvrouwen dan stelselmatig de best dansende mannen kiezen, ontstaat na tientallen generaties een mannensoort waarbij dansen letterlijk in het bloed zit.

In de stad Groningen leven, bij mijn weten, betrekkelijk weinig Toearegs. Er leeft in de stad echter wel een inheemse stam van ongeveer 500 leden die zich, op wisselende plaatsen in de stad, in wisselende samenstelling, vier of vijf keer per maand overgeeft dansgenot. De leden van deze stam van dartele dansers zijn, zeker voor een filosoof/bioloog zoals ik, eenvoudig te karakteriseren:

  • Ze zijn tussen de 35 en 65 jaar oud, de meesten zijn ongeveer 50.
  • Ze hebben allemaal kinderen, of heel bewust niet.
  • Ze vinden allemaal dat ze er 5 of 10 jaar jonger uitzien dan hun werkelijke leeftijd en hun leeftijdsgenoten.
  • Ze zijn allemaal een keer gescheiden, en hebben als relatiestatus: “It’s complicated.”
  • Ze hebben een ex die moeilijk doet over het geld of de kinderen, of beide.
  • En ze willen dansen.

De dansfeesten waar de leden van deze stam elkaar treffen zullen voor jongeren totaal onbekend zijn. Daarom een kleine opsomming, je hebt:

  • 050 Danst (laatste zaterdag van de maand op wisselende locaties)
  • De Republiek (eerste zaterdag van de maand in EMG Faktors)
  • Saterday Night Fever (tweede zaterdag in Huize Maas)
  • Nataraj (vrijdag op blote voeten in het Platform theater)
  • Ubuntu Loco (in de Silo voor een beperkte groep uitverkorenen).

De feesten zijn verschillend maar hebben ook duidelijke overeenkomsten:

  • De muziek staat wat minder hard dan op feesten voor jongeren, anders tutert het zolang na in onze oren.
  • De feesten beginnen om 10 uur, en stoppen om 2 uur ’s nachts, zodat we ook nog wat aan onze zondag hebben.
  • De muziek is dansbaar voor iedereen die ooit in de disco danste.
  • En, er staan schaaltjes met chips, dipsaus, blokjes kaas, pinda’s en komkommer. Net zoals vroeger. Want eten is gezellig.

Als filosoof/bioloog kan ik het bestaan van deze dartele dansstam op twee wijzen duiden.

Iedereen heeft waarschijnlijk wel eens gehoord van speciale kamers voor demente bejaarden die zijn ingericht met meubels, behang, accessoires en kleuren zoals het er in de jonge jaren van de bejaarde moet hebben uitgezien. Het geheugen begeeft het bij dementie, maar de herinneringen uit de jeugd zijn robuust, en vormen in de speciale kamers het laatste aanknopingspunt met de buitenwereld.

Dit kan ook spelen bij onze dartele dansstam. De leden zijn wellicht nog niet geestelijk, maar wel al lijfelijk dement. We kunnen niet meer meebewegen met het snelle tempo van de maatschappij, nieuwe media en techno house. We vinden weer aansluiting bij onze omgeving en bij elkaar in deze speciaal voor naar onze jeugdjaren vormgegeven discokamers.

Mocht deze duiding te negatief klinken, dan heb ik nog een tweede uitleg, iets positiever. Wij mensen ervaren de wereld door erin te bewegen, door ons er lichamelijk toe te verhouden. Ons lijf en de manier waarop we bewegen bepalen hoe we de wereld begrijpen. Zonder beweging geen ervaring, geen begrip. In de filosofische biologie wordt dit aangeduid als enactivisme. Een organisme moet bewegen om de wereld te begrijpen. Dat geldt voor de fysieke wereld, maar net zo hard voor de sociale wereld. Wij moeten met anderen bewegen om anderen echt te kennen. Dat snappen vogels, vissen en Toearegs.

En in Groningen snappen de leden van de dartele dansstam het dus ook. Het klopt, wij zijn lichamelijk dement. De bewegingen en het ritme waarmee we ooit anderen hebben ontmoet en begrepen zijn diep in ons lijf opgeslagen. Wij dansen niet om tot onszelf te komen, maar om anderen te ontmoeten. Wij willen namelijk nooit meer naar bed met iemand die niet met ons kan dansen.

En ja, we dansen natuurlijk ook om ons tien jaar jonger te voelen dan we werkelijk zijn, maar dat is bijzaak.