Image Image Image Image Image Image Image Image Image Image

Glasnost | January 24, 2019

Scroll to top

Top

Ronald Hünneman – Ongelooflijk (8)

Ronald Hünneman – Ongelooflijk (8)
AmandaBrouwers

Ronald Hünneman vertelde u al eerder over Tinder, Zwarte Piet en angst – maar van origine onderzoekt hij kunst. Daarom presenteerde Ronald vorige maandag voor u een column over kunst en religie. Een opmaat naar het symposium Heilig Vuur, op 21 mei in het Groninger Museum. Luistert of leest u Ronald zijn column hieronder terug:

 

 

ONGELOOFLIJK

11 mei 2015

Ronald Hünneman

Christenen doen het. Mohammedanen doen het. Joden doen het. Hindoes doen het. Zelfs Boeddhistische monniken doen het. Ze doen het allemaal. Hoe seksloos of celibatair ook, iedere religie doet aan kunst. We kennen allemaal de kathedralen vol beeldhouwwerken, schilderijen en glas-in-lood. We kennen de architectonisch wonderschone moskeeën gevuld met kalligrafie en houtsnijwerk. We kennen de rijkelijk versierde hindoetempels, de prachtige Boeddhistische gewaden en de berustende en lachende beelden van Boeddha (die ook hier te lande tuinen en badkamers opsieren). Religie en kunst zijn innig met elkaar verbonden. Seks kan afgezworen worden, kunst niet. Zelfs in de meest diepzwarte kousenkerk worden psalmen gezongen.

 

Waar komt deze innige band tussen kunst en religie vandaan?

 

Zelfs jonge kinderen verwerpen informatie die niet strookt met de wereld zoals ze die dagelijks ervaren.” Dat schreven Jonathan Lane en Paul Harris vorig jaar een overzichtsartikel over de vraag hoe mensen ideeën verkrijgen over onwaarneembare zaken. Kinderen zijn van nature sceptici. De wereld van de zintuigen, de wereld van moeders, vriendjes, eten en speelgoed bepaalt wat kinderen denken. Alles wat daar niet mee strookt, bekijken ze met de grootst mogelijke argwaan. Kortom, jonge kinderen maken het leven niet moeilijker dan het is.

 

Volwassenen, daarentegen, geloven in zaken die ze nooit ofte nimmer hebben waargenomen. Ooit een virus gezien? Nee, maar u gelooft er wel in. Ooit een atoom gezien, of een neutrino? Nee, maar u gelooft er wel in. Ooit onzichtbare straling gezien? Nee, duh, want het is onzichtbaar, maar u gelooft er wel in. Ooit een aap zien evolueren tot mens? Nee, maar u gelooft er wel in. En al dat geloven is volkomen gerechtvaardigd. Soms omdat anderen het hebben gezien, soms omdat al deze onzichtbare zaken een rol spelen in de theorieën op basis waarvan onze technologische en medische wereld wordt vormgegeven. Iedere keer dat u antibiotica slikt en geneest, klopt de theorie over bacteriën. Iedere keer als u belt met uw mobiel, klopt de theorie over elektronen en straling, en bevestigt u het gelijk van de exacte wetenschappen.

 

Volwassen geloven echter niet alleen in het onzichtbare, maar ook in ongelooflijke. Ze geloven in onzichtbare zaken die zelfs geen zichtbare gevolgen hebben. Ongelooflijk! Ze geloven in gedachtelezen. In ingestraald water. Ze geloven in een ziel die het lichaam kan verlaten. Ze geloven in een eeuwig leven. In een God die overal is en almachtig is. In een hemel en een hel. Ze geloven in een onzichtbare wereld achter de zichtbare werkelijkheid. Hoe ongelooflijk is dat?

 

Mensen in het ongelooflijke laten geloven is van oudsher de kunst van religie. Het is, zo zouden ze bij Bedrijfskunde zeggen, hun core business. Zolang mensen het ongelooflijke geloven, betalen ze aan de kerk en schenken ze aalmoezen aan bedelmonniken. Als mensen in een leven na hun aardse bestaan geloven, dan zullen ze voorzorgmaatregelen willen nemen. Als mensen in het vagevuur geloven, waarin ze moeten branden voor ze de hemel in mogen, dan kun je ze om donaties vragen om aflaten te verdienen, dan kun je ze aflaten verkopen en kunnen ze die doorverkopen. Met die handel in aflaten is ooit de Domtoren in Utrecht bekostigd. Niet de VOC heeft windhandel uitgevonden, maar de kerk. Aflaten zijn opties op het ongelooflijke. En wat je er ook van vindt, handel in het ongelooflijke is ongelooflijk goede handel (zo zullen ze bij Bedrijfskunde bevestigen, en zo moeten wij atheïsten ruiterlijk toegeven).

 

Het middel dat religies hiertoe gebruiken is kunst. Kunst laat mensen in het ongelooflijke laten geloven. Kunst maakt het onzichtbare zichtbaar en het ongelooflijke geloofwaardig. Ieder beeld, iedere tekst, ieder gezang, ieder verhaal, ieder raam waardoor licht geheimzinnig naar binnenvalt, geeft mensen een beeld van de ongelooflijke werkelijkheid. En als mensen een beeld hebben, als ze het kunnen zien, dan kunnen en willen ze het ook geloven. Niet voor niets geven religies meer uit aan kunst dan aan zending. Zonder zending hoogstens wat minder zieltjes. Maar zonder kunst geen kerk.

 

En als u, met mij, gelooft dat er helemaal geen religieuze werkelijkheid is, dan is kunst dus geen weergave van de religieuze werkelijkheid, maar een weergave die tot de verbeelding van een religieuze werkelijkheid leidt. Anders gezegd, kunst schept religie. Kunst kan mensen in het ongelooflijke doen laten geloven en dat wordt dan religie. Kunst schiep Goden, en Goden schiepen de wereld. Kunst schiep het Laatste Oordeel en het Laatste Oordeel schiep de Dom én de economie. Onze wereld en ongelooflijke beleving van de wereld komen voort uit kunst.